Pagina's

Posts tonen met het label trapmodel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label trapmodel. Alle posts tonen

woensdag 6 april 2016

Doelbepaling 4: sparren, kaderen, focus, schaven en bijstellen

Afbeeldingsresultaat voor bevragen

In de aanloop naar afronding heb ik een prettige, pittige sparringsessie gehad met Adriaan. Centrale vraag was: "Hoe verhouden mijn trapmodel met indicatoren, het 4V-model en de levels met betrekking tot zelfregulatie zich tot elkaar". Al met al was er wel wat discussie nodig om tot een juiste duiding met betrekking tot mijn herontwerp te komen. Wat het mij heeft gebracht is dat ik nu scherper kan stellen wat ik voor ogen heb.

In mijn trapmodel is weergegeven wat ervoor nodig is om ons beoogde onderwijs te realiseren. Wat vraagt dat van de leerkracht? Wat heeft de leerling nodig? Wat betekent dat voor de componenten binnen ons curriculum? Het is een graadmeter om te bepalen waar we nu als school staan en waar we naar toe willen / moeten met als doel onze hogere missie te bereiken. De hogere missie staat beschreven in ons schoolplan als zijnde:

Onze belangrijkste taak is het begeleiden van kinderen in groeien naar sociale, kritische en verantwoordelijke mensen die een zelfstandige visie hebben op de wereld om hen heen en daarin verantwoorde keuzes kunnen maken.

De leerkracht staat centraal in mijn herontwerp. Talloze onderzoeken tonen aan dat de leerkracht bepalend is binnen goed onderwijs (Verbeek,2010, Verbeek & Veschuren,2010,).
Bij de leerkrachten op de Elzen kwam het signaal dat er te weinig structuur zat in de opbouw van het rekenwiskunde onderwijs. Er was te weinig eenduidigheid en dat leidde tot grote verschillen in het leerkracht handelen en in de kwaliteit van het rekenonderwijs.
Onderzoek toont aan dat de kwaliteit van het reken-wiskunde onderwijs staat of valt met de kennis van de leerkracht en zijn inzicht in de gehele ontwikkelingslijn van de leerling op rekenwiskundig gebied(KNAW,2009,Oonk & De Goey,2006, Verbeeck & Verschuren,2010, Van Groenestijn, Borghouts & Jansen,2011)

Om deze kennis, dit inzicht te stroomlijnen heb ik een generiek 4V-model ontwikkeld.

Dit 4V-model is gericht op het genereren van drijfvermogen (Boswinkel & Moerlands,2002; Verbeeck & Verschuren,2010;Lukassen & Sjoers,2011). Het kan toegepast worden op het kerndomein rekenen, maar ook op de kennis en vaardigheden die de leerkracht nodig heeft om autonoom, zelfregulerend leren op het kerndomein rekenen & wiskunde mogelijk te maken. Leerkrachten kunnen kinderen alleen ruimte bieden voor zelfregulerend autonoom leren wanneer ze een ruime kennisbasis hebben binnen het te ontwikkelen kerngebied. En daarnaast kunnen ze autonoom, zelfregulerend leren alleen mogelijk maken wanneer ze kennis hebben met betrekking tot de zelfdeterminatie theorie en autonoom leren (Verbeeck, 2010).

In mijn ontwerpenproducten speelt het 4V-model een belangrijke rol. Het biedt leerkracht te kans om de stappen binnen een leerlijn in te delen op 4 ontwikkelingsniveaus en hun instructie, begeleiding, opdrachten, toetsingen daarbij aan te laten sluiten. Het geeft inzicht in waar de leerling zich op dat specifieke moment zich in zijn ontwikkeling bevindt en wat dat vraagt van de leerkracht. Het dient dus als en taxonomie. Het geeft opvolgende, voorwaardelijke stappen aan.



Wanneer het 4V-model per leerlijn school breed wordt ingevuld, biedt het een inzicht in waar de leerling zich op dat moment zich bevindt en hoe de leerling zich verder kan ontwikkelen. Daarbij komt ruimte voor differentiatie, niet alleen divergent maar ook convergent. Het maakt mogelijk dat een leerling op 1 leerlijn al op een hoger ontwikkelingsniveau zit dan op een andere leerlijn. Een leerling kan zich horizontaal, verticaal of met een combinatie daarvan door 4V-model bewegen.


Het model kan wordt ook ingezet als observatietool. Het helpt leerkrachten om de zichtbare activiteiten van de leerling om te zetten naar een helder ontwikkelingsniveau, om zo te komen tot een assessment as learning. Wat moet er op ieder ontwikkelingsniveau bereikt worden? Hoe geef je daar effectief feedback op?

De materialen en speelleeractiviteiten kunnen in het 4V-model worden geclassificeerd naar het juiste ontwikkelingsniveau.



Nog niet ontwikkelt is een passend 4V-model voor de leerling. Een model waarop de leerling kan zien of aangeven waar hij per leerlijn staat in zijn ontwikkeling, wat de verwachtingen zijn per niveau en hoe hij daar invulling aan kan geven. Dit zou naadloos aankunnen sluiten op het werken met een portfolio als proof of learning in plaats van een rapportage vanuit de leerkracht. Dit zou het plaatje af maken. Dan is de optimale omgeving van autonoom zelfregulerend leren voor de leerling en door de leerkracht compleet.

Link naar doelbepaling.
Link naar literatuurlijst.
Link naar conceptmap 4V-model.
Link naar generiek 4V-model.
Link naar generiek 4V-model leerlijn.
Link naar 4V-model kennis.
Link naar 4V-model proces.
Link naar 4V-model observatielijst.
Link naar 4V-model classificatie rekenen.

dinsdag 29 maart 2016

4V-Model


Op basis van mijn doelbepaling ben ik een model gaan ontwerpen dat de leerkracht inzicht geeft in de ontwikkelingslijn van de leerling. Deze 4 stappen in de ontwikkelingslijn zijn gebaseerd op modellen als het ijsberg-model van F. Moerlands, handelingsmodel uit ERWD.
Doel van het model is de leerkracht helpen de ontwikkelingsfase van de leerling te bepalen. Uitgangspunt is dat wanneer de leerkracht voldoende kennis heeft, hij voldoende vertrouwen in de ontwikkeling van de leerling kan hebben om deze zich in vrijheid te laten ontwikkelen.
In dit 4v-model kunnen de verschillende rekenactiviteiten waaruit de leerling een keuze kan maken worden ingedeeld naar de plaats in de ontwikkelingslijn.

Verwerven Het kind doet een eerste ervaring op met een rekenkundig of wiskundig principe op. Dit kan door middel van een lesje of instructie, of door middel van het werken met een Montessori materiaal. Deze fase is gericht op begripsvorming.

Verwerken Het kind gaat de eerste ervaring uitbouwen, werkt verder met het materiaal of oefent verder binnen vanuit de les of instructie. Deze fase is gericht op het ontwikkelen van oplossingsprocedures en inzicht.

Vervullen Het kind gaat het geleerde toepassen en verwerken naar het formele rekenen. Deze fase is gericht op het vlot en correct leren toepassen en het ontwikkelen van routines.

Verweven Het kind gaat het geleerde toepassen in een realistisch kader, op een eigen wijze. Deze fase is gericht in het flexibel toepassen van het geleerde.

Op basis van de 4v-model is een breder model ontworpen waarin een leerlijn schoolbreed over de 4 ontwikkelingsniveaus uitgewerkt kan gaan worden. Dit model geeft leerkrachten inzicht in de ontwikkelingslijn van een deelgebied binnen de school en maakt inzichtelijk waar voor de specifieke leerling de zone van naaste ontwikkeling zich bevind. Afhankelijk van e leerling kan de volgende ontwikkelingsstap horizontaal of verticaal georiënteerd zijn.

Doelbepaling "Beleid op het ontwikkelen in vrijheid"


Uitgangspunt: Leer mij het zelf te doen.





Hoger doel: Het begeleiden van kinderen in het groeien naar sociale, kritische en verantwoordelijke mensen die een zelfstandige visie hebben op de wereld om hen heen en daarin verantwoordelijke keuzes maken. Het kind leren zelf te leren en te doen. Het bevorderen van de zelfstandigheid.
Werkwijze: Het kind heeft de vrijheid om werk te kiezen dat aansluit bij zijn belevingswereld en niveau, in vrijheid ontdekkingen doen en daarmee de ontwikkeling van zijn gehele persoonlijkheid stimuleren. De leerlingen doorloopt de fases van geholpen worden, zelf kunnen en anderen helpen.

Voorwaarde: Het kind heeft een structuur nodig waarin hij wordt gezien en die hem richting geeft.

Uitwerking van deze structuur, in trapmodel eerste, brede verkenning.

Bouwstenen voor vrijheid
Vrijheid gericht op een optimale afstemming op individuele (leer)behoeftes van de leerling.

Externe regulatie[1]
Onpersoonlijk
georiënteerd
Regulatie door identificatie
Controlgeoriënteerd
Intrinsieke regulatie
Autonomiegeoriënteerd
Remember - apply[2]
Remember- Apply-Understand - analyse
Remember – Apply- Understand – Analyse - Evaluate – Create
Summatieve toetsing[3]
Normgericht
Formatieve toetsing
Criteriumgericht
Duurzame toetsing
Ipsatief
Sturend rol leerkracht
Begeleidend rol leerkracht
Coachende rol leerkracht

Kennis, vaardigheden en attituden van de leerkracht t.o.v. vrijheid

Kennis van de einddoelen voor eigen jaargroep / bouw.
Kennis van tussen en einddoelen en ontwikkelingslijnen voor eigen bouw.
Kennis van tussen en einddoelen en ontwikkelingslijnen bouwoverstijgend.
Kennis van strategieën jaargroep / bouw
Kennis van strategieën voor en nakomende bouw.
Kennis van strategieën en plaatsing in de ontwikkelingslijn.
Gericht op reproduceerbaarheid van kennis en vaardigheden.
Gericht op produceerbaarheid van kennis en vaardigheden.
Gericht op reproduceerbaarheid, produceerbaarheid, conceptueel begrip en creatief / innovatief gebruik van kennis en vaardigheden.
Norm is leidend.
Competenties zijn leidend.
Persoonlijke ontwikkeling is leidend.
Assessment of learning.
Assessment of en as learning.
Assessment of, as en for learning.

Factoren voor de leerling t.o.v. vrijheid

Werkt aan de hand van algemeen opgestelde doelen

Werkt aan de hand van gepersonaliseerde algemeen opgestelde doelen.
Werkt aan de hand van persoonlijk opgestelde doelen.
Waardetoekennig is extrinsiek. Geen inzicht.
Waardetoekenning is verpersoonlijkt. Op basis van aannames.
Waardetoekenning is intrinsiek. Op basis van verwachtingen.
Toepasbaarheid is niet zichtbaar voor leerling.
Toepasbaarheid is direct voor de leerling.
Toepasbaarheid is vakoverstijgend voor de leerling.
Assessment is afhankelijk van de leerkracht.
Assessment door de leerling gericht op het product.
Assessment door de leerling, gericht op het product, proces en de persoon.
Toepassen.
Toepassen en inzicht.
Toepassen, inzicht en conceptueel begrip.
Planning door de leerkracht.
Planning in samenspraak met de leerkracht.
Eigen planning.

 

 

 




[1] Indeling gebaseerd op Zelf determination theory van Deci en Ryan.
[2] Indeling gebaseerd op Taxonomie van Bloom.
[3] Sluijsmans, D. Joosten-ten Brinke, D. (2012). Beoordelen van Leren

dinsdag 8 maart 2016

Herontwerp deel 3

In de afgelopen weken heb ik weer veel input, inspiratie en hopelijk wijsheid opgedaan die ik wil verwerken in mijn herontwerp van een stukje van het rijke onderwijsaanbod op de Elzen.

Deze input komt vooral uit de bezoeken die ik heb gebracht aan verschillende klassen binnen de school en de mooie gesprekken met mijn collega's die mij een duidelijk beeld gaven van wat erg al ligt en wat er nog wordt gemist. Deze input heeft mij aangezet tot het ontwikkelen van een eerste trapmodel.

Het model heeft als doel de leerkracht te helpen bepalen in welke fase van ontwikkeling / leren de leerling zich bevindt en welke activiteiten / producten / observaties / assessments er bij die specifieke fase horen en wanneer een leerling klaar is om door te gaan naar de volgende fase in de ontwikkeling of het leerproces. Het model geeft de leerkracht duidelijke, objectieve criteria. Het richt zich niet alleen op datgene wat meetbaar is (zoals met een toets) maar ook op hetgeen merkbaar is (zoals in houding of inzicht door observatie). Belangrijk onderwijskundig concept dat meegenomen word in het trapmodel is de IJSBERG metafoor van Frans Moerlands (PARWO). Om te komen tot zichtbaar handelen is het nodig onzichtbare ervaring / inzichten op te doen. Dit ontwikkelen en aanbrengen van drijfvermogen is cruciaal het leerproces. Daar moet voldoende tijd aan worden besteed.

Het model is opgesteld aan de hand van de inzichten uit de taxonomie van Bloom en maakt een onderscheid tussen lagere en hogere denkvaardigheid. Dit geeft een ruimte tot differentiatie naar de leerling toe. Niet alle leerlingen zullen toekomen aan de hogere fases van het model.




Globaal wordt dit  vormgegeven in een eerste versie van mijn trapmodel. Dit model is zeker nog niet definitief, over vorm en inhoud wordt nog druk gediscussieerd.