Pagina's

Posts tonen met het label herontwerp. Alle posts tonen
Posts tonen met het label herontwerp. Alle posts tonen

zaterdag 30 april 2016

Trots!

Ik ben blij dat ik mag zeggen dat ik dit tweede leerarrangement positief heb afgesloten en zelfs een beoordeling "GOED" heb gekregen!
Dat is een mooie afsluiting van deze blog! Natuurlijk ga ik lekker verder op mijn nieuwe blog gericht op het praktijkgericht onderzoek. ( Marlenela5@blogspot.com ).
Ik licht alvast een tipje van de sluiter op: Mijn onderzoek gaat zicht zeer waarschijnlijk richten op de volgende kernconcepten,
  • conceptmatig denken
  • Self regulated learning
  • Self regulated teaching, leerkrachtvaardigheden
  • Scaffolding

donderdag 7 april 2016

Afronden deel 1

Vandaag gestart met het afronden van mijn ontwerpcyclus. Nog 1 keer kritisch gekeken naar wat ik ontworpen heb, mijn 4V-model, en naar hoe ik het wil gaan inzetten binnen de school.
In deze laatste fase alles wat teveel is en wat kan  belemmeren weggehaald, kritisch gekeken of de verwachtingen en informatie scherp genoeg zijn. Fijne input gehad van collega's die hielpen om tot die scherpte te komen en op de valstreep nog woorden toevoegden. (aanleiding-context vormen-in context-buiten context= Prachtig!)
Morgen overleg met de directie om de (voorlopige) eindproducten te bespreken. En dan starten met het invoeringsproces en hopen dat het zijn vruchten gaat afwerpen, in ieder geval ten opzichte van het rekenonderwijs, mogelijk ook daarbuiten.

Ik kijk tevreden terug op dit ontwerpproces. Ik heb alle fases doorlopen, meerdere keren zelfs, en merk dat ik toch elke keer weer door ontwerp. Hoe de ideeën van klein, naar veel te groot en omvattend weer naar scherp en doeltreffend gaan. Ik verwacht dat er nog wel enkele rondes zullen gaan volgen, zeker wanneer de eerst gebruikservaringen input gaan leveren en de hele boel weer kritisch bekeken wordt.

Wat heeft het hopelijk ook gebracht?
In ons lopende schoolplan 2015-2019 staat:
Wij zijn een school waar kinderen zich vanuit eigen verantwoordelijkheid  ontplooien, waar we vakgebieden versmelten met kosmisch onderwijs, waar we ouders mede verantwoordelijk maken voor de ontwikkeling van hun kinderen, waar we kennis en ervaringen delen en waar je ont-moeting letterlijk mag  nemen.
Ja, wij zijn steeds meer een school waar anderen een voorbeeld aan nemen.
Montessorischool De Elzen, vrijheid om te groeien
  
 
Ik hoop met mijn herontwerp onze (be)zoektocht langs verschillende Montessorischolen om zicht te krijgen op goede Montessori-rekenonderwijs te hebben beëindigd en dat we, zoals in het citaat, een innovatieve school zijn met, onder andere, rekenonderwijs waaraan een voorbeeld kan worden genomen.
 
Afbeeldingsresultaat voor de elzen montessori tilburg

woensdag 6 april 2016

Doelbepaling 4: sparren, kaderen, focus, schaven en bijstellen

Afbeeldingsresultaat voor bevragen

In de aanloop naar afronding heb ik een prettige, pittige sparringsessie gehad met Adriaan. Centrale vraag was: "Hoe verhouden mijn trapmodel met indicatoren, het 4V-model en de levels met betrekking tot zelfregulatie zich tot elkaar". Al met al was er wel wat discussie nodig om tot een juiste duiding met betrekking tot mijn herontwerp te komen. Wat het mij heeft gebracht is dat ik nu scherper kan stellen wat ik voor ogen heb.

In mijn trapmodel is weergegeven wat ervoor nodig is om ons beoogde onderwijs te realiseren. Wat vraagt dat van de leerkracht? Wat heeft de leerling nodig? Wat betekent dat voor de componenten binnen ons curriculum? Het is een graadmeter om te bepalen waar we nu als school staan en waar we naar toe willen / moeten met als doel onze hogere missie te bereiken. De hogere missie staat beschreven in ons schoolplan als zijnde:

Onze belangrijkste taak is het begeleiden van kinderen in groeien naar sociale, kritische en verantwoordelijke mensen die een zelfstandige visie hebben op de wereld om hen heen en daarin verantwoorde keuzes kunnen maken.

De leerkracht staat centraal in mijn herontwerp. Talloze onderzoeken tonen aan dat de leerkracht bepalend is binnen goed onderwijs (Verbeek,2010, Verbeek & Veschuren,2010,).
Bij de leerkrachten op de Elzen kwam het signaal dat er te weinig structuur zat in de opbouw van het rekenwiskunde onderwijs. Er was te weinig eenduidigheid en dat leidde tot grote verschillen in het leerkracht handelen en in de kwaliteit van het rekenonderwijs.
Onderzoek toont aan dat de kwaliteit van het reken-wiskunde onderwijs staat of valt met de kennis van de leerkracht en zijn inzicht in de gehele ontwikkelingslijn van de leerling op rekenwiskundig gebied(KNAW,2009,Oonk & De Goey,2006, Verbeeck & Verschuren,2010, Van Groenestijn, Borghouts & Jansen,2011)

Om deze kennis, dit inzicht te stroomlijnen heb ik een generiek 4V-model ontwikkeld.

Dit 4V-model is gericht op het genereren van drijfvermogen (Boswinkel & Moerlands,2002; Verbeeck & Verschuren,2010;Lukassen & Sjoers,2011). Het kan toegepast worden op het kerndomein rekenen, maar ook op de kennis en vaardigheden die de leerkracht nodig heeft om autonoom, zelfregulerend leren op het kerndomein rekenen & wiskunde mogelijk te maken. Leerkrachten kunnen kinderen alleen ruimte bieden voor zelfregulerend autonoom leren wanneer ze een ruime kennisbasis hebben binnen het te ontwikkelen kerngebied. En daarnaast kunnen ze autonoom, zelfregulerend leren alleen mogelijk maken wanneer ze kennis hebben met betrekking tot de zelfdeterminatie theorie en autonoom leren (Verbeeck, 2010).

In mijn ontwerpenproducten speelt het 4V-model een belangrijke rol. Het biedt leerkracht te kans om de stappen binnen een leerlijn in te delen op 4 ontwikkelingsniveaus en hun instructie, begeleiding, opdrachten, toetsingen daarbij aan te laten sluiten. Het geeft inzicht in waar de leerling zich op dat specifieke moment zich in zijn ontwikkeling bevindt en wat dat vraagt van de leerkracht. Het dient dus als en taxonomie. Het geeft opvolgende, voorwaardelijke stappen aan.



Wanneer het 4V-model per leerlijn school breed wordt ingevuld, biedt het een inzicht in waar de leerling zich op dat moment zich bevindt en hoe de leerling zich verder kan ontwikkelen. Daarbij komt ruimte voor differentiatie, niet alleen divergent maar ook convergent. Het maakt mogelijk dat een leerling op 1 leerlijn al op een hoger ontwikkelingsniveau zit dan op een andere leerlijn. Een leerling kan zich horizontaal, verticaal of met een combinatie daarvan door 4V-model bewegen.


Het model kan wordt ook ingezet als observatietool. Het helpt leerkrachten om de zichtbare activiteiten van de leerling om te zetten naar een helder ontwikkelingsniveau, om zo te komen tot een assessment as learning. Wat moet er op ieder ontwikkelingsniveau bereikt worden? Hoe geef je daar effectief feedback op?

De materialen en speelleeractiviteiten kunnen in het 4V-model worden geclassificeerd naar het juiste ontwikkelingsniveau.



Nog niet ontwikkelt is een passend 4V-model voor de leerling. Een model waarop de leerling kan zien of aangeven waar hij per leerlijn staat in zijn ontwikkeling, wat de verwachtingen zijn per niveau en hoe hij daar invulling aan kan geven. Dit zou naadloos aankunnen sluiten op het werken met een portfolio als proof of learning in plaats van een rapportage vanuit de leerkracht. Dit zou het plaatje af maken. Dan is de optimale omgeving van autonoom zelfregulerend leren voor de leerling en door de leerkracht compleet.

Link naar doelbepaling.
Link naar literatuurlijst.
Link naar conceptmap 4V-model.
Link naar generiek 4V-model.
Link naar generiek 4V-model leerlijn.
Link naar 4V-model kennis.
Link naar 4V-model proces.
Link naar 4V-model observatielijst.
Link naar 4V-model classificatie rekenen.

Aanleiding herontwerp

Om de ontwikkelruimte voor een herontwerp vast te stellen heb ik een enquête uitgezet naar mijn collega's met als doel hen te bevragen over ons curriculum en de ontwikkelingsruimte daarbinnen.
Link  naar het totale document.

Dit gaf het volgende beeld:

ben benieuwd naar het vormgeven van echt Montessori onderwijs met vrijheid in gebondenheid om te leren en de volle leerkrachtlijn die daar soms haaks op lijkt te staan. 
 
Hoe pas je methodes in? Wat als kinderen rekendoelen niet halen? Of al voorbij zijn? Hoe zorg je voor voldoende vrije werktijd met alle lesjes die ook moeten worden gedaan? (2x) 
 
* werken aan leerkrachtvaardigheden waardoor het begeleiden van kinderen nog beter wordt. 
 
Met intervisie vanuit gezamenlijk gekozen onderwerpen groeien. 
samenwerking binnen bouw. 1 lijn. wat kunnen we voor elkaar doen? 
 
 veel meer gebruik maken van expertises binnen het team; vereist waarschijnlijk wel loslaten van huidige structuren. verder iets dat geen vernieuwing is, maar eerder teruggaan naar wat het ooit was: meer plekken waar kinderen zelf meer vrijheid om te kiezen hoe ze leren en wat ze leren. 
 
* Vind ik lastig om te zeggen. Toetsing? Wat willen wij ermee bereiken? Ik zie het nu meer als dat het wordt gebruikt als middel om te kunnen zien of de leerlingen de leerstof voor een langere periode kunnen onthouden en wij daarop onze plannen kunnen aanpassen en het kind daar verder mee helpen. Maar heeft het kind dat wel nodig? 

* Het Montessori-concept realiseren 
* Ieder kind wordt gezien. Individuele afstemming. Prettige sfeer. 
* De kinderen op eigen niveau en tempo laten groeien en ontwikkelen en hen daarbij de hulp en middelen aanbieden die het kind op dat moment nodig heeft. Daarbij de kinderen de sturing geven dat ze het zelf of samen gaan leren, uitvoeren en ervaren en wij als leerkrachten de helpende hand bieden waar het kind om vraagt. 
* Onderwijs op maat Montessori Leer het mij zelf te doen... (2x) 
 
* tijd en toetsing: door volle programma vind ik dat er te weinig tijd is voor leerlingen om zich bepaalde leerdoelen echt eigen te maken. wat betreft toetsing: het is blijven zoeken naar manieren om te bepalen of leerdoelen vd kinderen behaald zijn. maar ook lastig om aan te duiden hoe dan wel. 

Daarnaast heb ik overleg gepleegd met Mariëlle Borghans, die momenteel bezig is met haar praktijkgericht onderzoek dat zich richt op het rekenonderwijs op de Elzen. Als deel van haar onderzoek heeft zij observaties verricht in alle groepen 5/6 en daarbij ook leerlingen en leerkracht bevraagd over de uitwerking van de rekenleerlijn. De verschillen binnen de wijze van handelen en de mate van vrijheid die de kinderen hebben/ervaren binnen de groepen gaven richting aan mijn ontwerpvraagstuk.
Link naar de observaties en interviews.



zondag 3 april 2016

Doorkijkje naar het werkveld 2

In een uurtje tijd was het mogelijk om in 21 groepen 127 totaal verschillende rekensituaties te fotograferen. 
De kinderen in de groepen werkten:
  • Individueel, in tweetallen, in groepjes, met de leerkracht.
  • met materialen, met computerprogramma's, in methode boekjes, met kopieerbladen, met varia, met piccolo, met Montessori materialen.
  • gericht op het ontvangen van instructie, het krijgen van een lesje, het geven van een lesje aan een ander kind, het verwerken van leerstof.
  • aan cijferen, hoofdrekenen, concrete rekencontexten, abstracte rekensituaties, automatiseren, aan inzicht in concepten, symbolische rekenopdrachten.
  • om te leren, te oefenen, te verwerken, te toetsen, te bewijzen.

Dit is de werkelijkheid voor de leerkrachten in de klassen. Een enorm energieke, gevarieerde leeromgeving waarin de leerkracht voor iedere afzonderlijke situatie het optimale en meest effectieve begeleidingsaanbod moet bepalen, met oog voor de zone van naaste ontwikkeling voor een optimaal leerproces waarin de leerling de vrijheid krijgt zichzelf te ontwikkelen.

Er zijn diverse modellen die zich richten op de reken-wiskundige ontwikkeling van kinderen, de ontwikkelingsstappen en de didactische handelingen die dar bij aan sluiten.

Het 4V-model is gebaseerd op de modellen:
- IJsbergtheorie van Frans Moerlands
- Het handelingsmodel uit het protocol ERWD
- De fases in de ontwikkeling functionele gecijferdheid.
- De taxonomie van Bloom.
- De taxonomie van Romiszowski
- Het Obit model voor diep en oppervlakkig leren


Het model stelt leerkrachten in staat de onderwijsleersituatie van het kind in te delen volgens zijn huidige ontwikkelingsniveau en vast tellen waar de zone van naaste ontwikkeling voor die specifieke leerling zich bevindt. De leerkracht kan dan vaststellen wat nodig is om te leerling te helpen zich te ontwikkelen naar het volgende niveau.

 


Doorkijkje naar het werkveld

In mijn herontwerp staat de kennis en het vertrouwen van de leerkracht centraal. Dit vertrouwen is voorwaardelijk voor de vrijheid van de leerling.

Om deze kennis goed op te bouwen is inzicht in de doorlopende leerlijnen cruciaal. De eerste aanzet deze kennis te ontwikkelen binnen het team van Montessori bs. de Elzen ligt bij het leerteam rekenen. Hier moet een start worden gemaakt tot het ontwikkelen van een goed inzicht in de leerlijn rekenen. Na mijn pitch kwam er een mengeling van inzicht, "ja dat klopt" maar ook weerstand "ja, maar moet dat nu eerst".
Op dat moment kwam de feedback van Denise (leerteam HBO2PO)na mijn pitch naar boven: Vul niet te snel in, je wil feedback! Dus trok ik als kartrekker een keertje niet mijn kar, maar bedacht dat ik mijn kennis en input had doorgegeven en ik nu ging kijken wat het zou gaan doen.
En wat deed het dan.....
Collega's van iedere bouw hebben de doelen per bouw / leerjaar en de doelen vanuit SLO & Tule naast elkaar gelegd en gedestilleerd tot inzichtelijke, aansluitende doelen schoolbreed. Per bouw hebben de collega's bepaald wat de essentie is die de leerlingen moeten opdoen. De einddoelen per bouw zijn op elkaar afgestemd en we kwamen tot dialoog. Er kwam inzicht in de leerlijn van de leerling.
De uitwerking van de leerlijnen is nog niet op basis van de 4 niveaus van het 4V-model (deze stap was nu nog te groot) maar tijdens het overleg hoorde ik wel uitspraken als "inzicht vergroten", "eerst handelend dan pas echt schrijven", "met ons Montessori materiaal bieden wij veel meer dan wat de cito van het kind vraagt",  "wij gaan veel meer uit van inzicht en structuur dan de kerndoelen". Al met al wel een rijke voedingsbodem om te komen tot het invullen van de 4 niveaus en het handelen van de leerkracht daarop af te stemmen.  Nu is het zaak om door te zetten en het geheel naar een hoger niveau te tillen.
Mijn taak als kartrekker: informatie / kennis delen en aanzetten tot autonoom zelfregulerend leren ( of te wel: scaffolding bieden in de praktijk van mijn leerteam!). Er liggen kansen!
Link naar de bestanden
Uitwerking meten en meetkunde
Uitwerking getallen en bewerkingen

woensdag 30 maart 2016

PITCH

Binnen het Montessori onderwijs neemt vrijheid een belangrijke plek in binnen het curriculum. In het motto staat: "help mij het zelf te doen, leer mij het zelf te doen, laat mij het zelf doen". Kinderen krijgen de ruimte om zelf tot ontwikkeling te komen en worden gezien als mede-regisseurs van het eigen leerproces.
Voorwaarde om kinderen zich in vrijheid te laten ontwikkelen is het hebben van vertrouwen in het kind en het hebben van een goede kennisbasis over de ontwikkeling van een kind.
In de analyse van het curriculum wordt de vrijheid van de leerling veelvuldig genoemd. De leerling heeft een vrijheid in de keuze van het werk, het tempo, niveau en beweging. De docent heeft een coachende en begeleidende rol. Binnen de leeractiviteiten is de vrije werkkeuze bepalend, er wordt niet gewerkt vanuit een vaste methodiek. Bij de leerdoelen wordt het ontwikkelen van metacognitie en het leren leren naast de cognitieve leerdoelen genoemd.

Binnen Montessorischool de Elzen staat de leerling centraal. Er werken leerkrachten die gespecialiseerd zijn in het werken volgens de Montessori principes. Noodzakelijk bij het leren in vrijheid is een structuur waarin het kind wordt gezien en die hem richting geeft. Deze structuur is de ontwikkelingskans die uitgangspunt gaat vormen voor mijn herontwerp.
In mijn herontwerp neem ik het domein rekenen als uitgangspunt. Om de leerling vrijheid in werkkeuze, niveau en tempo te kunnen bieden hebben we een methodiek ontwikkeld die "Ik-doelen" als uitgangspunt neemt. De leerling krijgt door middel van ik-doelen inzicht in leerstof en leerdoelen en maakt daar een keuze uit. Middels meetmomenten wordt de voortgang van de leerling in beeld gebracht.

Binnen de school zijn een rijkheid aan bronnen voor de leerkracht en materialen voor de leerling aanwezig om tot rekenwiskundige ontwikkeling te komen.
Uit gesprekken met leerkrachten komt naar voren dat deze rijkheid en vrijheid leiden tot de ervaring dat 20% van de structuur rondom het rekenen vastligt en men 80% zelf bepaald. Bij bezoeken aan klassen blijkt de vrijheid en het rekenonderwijs verschillend te worden ingevuld. Het gemis aan duidelijke structuur geeft dat leerkrachten meer behoefte krijgen aan controle en de vrijheid van de leerlingen indammen. De rol van de leerkracht wordt meer sturend en de assessment vorm wordt summatief ingezet.
In mijn doelbepaling breng ik in kaart water nodig is om kinderen in vrijheid (autonoom, zelfgereguleerd) te laten leren en ontwikkelen.
Ik richt me op de kennis, vaardigheden en attitudes van de leerkracht om tot een trapmodel te komen waarin de vrijheid (autonomie en zelfregulatie) ontwikkeld wordt en nadrukkelijker aanwezig is in het primair proces van de leerling.
Om de ontwikkeling van een leerling beter in beeld te brengen heb ik het 4v-model ontwikkeld.
  • Verwerving
  • Verwerking
  • Vervulling
  • Verweving
Deze 4 fases zijn gebaseerd op de ontwikkelingsstappen die het kind neemt binnen de rekenwiskundige ontwikkeling. Iedere fase heeft eigen aspecten die van belang zijn voor een goede ontwikkeling. Kennis van deze aspecten is van groot belang voor de leerkracht die daar zijn begeleiding van de leerling op moet baseren. De invulling van deze aspecten moet voor iedere leerkracht helder en eenduidig zijn. Kennis van deze aspecten geeft helderheid en structuur in het handelen van de leerkracht.

Inzicht in de ontwikkelingsfases geeft ruimte aan andere vormen van assessment naast een summatief meetmoment en helpt de leerkracht zicht te krijgen op de zone van naaste ontwikkeling van de specifieke leerling en het bepalen van de juiste begeleiding voor die leerling.
En dan kan de leerkracht de leerling die begeleiding / coaching gaan geven die het nodig heeft om zich in vrijheid (autonoom en zelfgereguleerd) te ontwikkelen. Daarmee de kans krijgend ook metacognitie op te bouwen en vaardigheden te ontwikkelen die life-long-learning ondersteunen.